Het beste doordeweekse recept is niet het lekkerste recept, het is het recept met de minste afwas. One pan koken, alles in één pan, van fornuis tot tafel, is precies daarom aan een stille opmars bezig. Minder gedoe, meer smaak, want alles gaart in elkaars sappen.

De volgorde is het recept
Elk one pan gerecht volgt dezelfde logica: wat het langst nodig heeft gaat het eerst de pan in. Eerst het vlees aanbraden en even apart leggen. Dan de harde groenten en aardappelen. Dan het vocht (bouillon, blikje tomaat, scheut room), vlees terug erbij, deksel erop, en de pan doet de rest. Wie deze volgorde snapt, heeft geen recepten meer nodig, alleen ingrediënten.
De juiste pan voor de klus
Een hoge hapjespan of sauteuse van 28 cm met deksel is de ideale one pan: hoog genoeg voor vocht, breed genoeg om aan te braden, en groot genoeg voor vier porties. Een zware braadpan kan het ook en mag bovendien de oven in voor gerechten die daar afgaren. Bekijk onze pannen met deksel als je er nog geen hebt die groot genoeg is.

Drie basisformules om te onthouden
Kip, krieltjes, sperziebonen en citroen met bouillon: klassieker die altijd werkt. Gehakt, rijst, paprika en een blik tomaat: alles-in-één rijstpan waar kinderen stil van worden. Witvis, prei, room en aardappelschijfjes: klaar in twintig minuten en verrassend chic voor een dinsdag.
De bonus
One pan gerechten zijn de dag erna vaak nog lekkerder, dus maak gerust een dubbele portie. Grote pan, twee avonden eten, één keer afwassen. Doordeweeks koken wordt eigenlijk niet efficiënter dan dit.